Deze, die, dit en dat kunnen lastig zijn, omdat ze verbonden zijn met de lidwoorden. Demonstratieven (of aanwijzende voornaamwoorden) gebruik je om iets of iemand aan te wijzen. In het Nederlands zijn er vier belangrijke aanwijzende voornaamwoorden. De-woorden Deze gebruik je bij de-woorden in het enkelvoud. Voorbeeld → Deze auto is nieuw. Die gebruik jeContinue reading “Hoe gebruik je ‘deze’, ‘die’, ‘dit’ en ‘dat’ in het Nederlands?”